Handleiding borstvoeding en kolven in de kraamweek

-Een handleiding voor verloskundigen en kraamverzorgenden-

Karin de Graaf Lactatiekundige IBCLC  april 2016 ©

Het komt regelmatig voor dat een baby in de eerste week bijvoeding nodig heeft omdat de borstvoeding nog niet helemaal naar wens verloopt. Vaak gaat het hier om baby´s die nog niet meteen voldoende in staat zijn om vaak en effectief te drinken aan de borst. In deze handleiding worden handvatten gegeven die hierbij kunnen worden gebruikt.

Preventie eerste 72 uur

In de eerste drie dagen na de geboorte maken de borsten kleine beetjes colostrum. Wanneer de baby zeker 10 a 12 keer per dag effectief drinkt, krijgt hij zijn hoeveelheid binnen en worden de borsten goed gestimuleerd. Het komt regelmatig voor dat een baby daar niet meteen toe in staat is. De baby is slaperig, of drinkt niet effectief of lijkt misselijk. Zo krijgt de baby onvoldoende colostrum binnen en wordt de melkproductie onvoldoende gestimuleerd. De noodzaak om bij te voeden ontstaat vaak pas rond de twee a drie dagen. De eerste dagen is er nog niet direct een probleem als de baby afvalt en hij nog niet vaak en effectief aan de borst drinkt. Toch is het niet verstandig om af te wachten tot de baby in de risicozone komt.

Afwachten heeft veel nadelen:

  • De kans is groter dat de baby teveel afvalt en dan direct voeding nodig heeft terwijl de melkproductie nog nauwelijks op gang is.
  • Kunstvoeding geven is dan onvermijdelijk met alle gevolgen van dien.
  • Bijvoeden met vingervoeden of fles veroorzaakt zuigverwarring.
  • Het duurt langer voordat de baby weer aankomt, en energie heeft om goed aan de borst te drinken.
  • De voeding wordt dan voor de moeder een belastende taak: aanleggen met een baby die niet effectief drinkt, bijvoeden met kunstvoeding, afkolven en afgekolfde melk bijgeven.
  • Moeder en baby blijven langer in de problemen.
  • De hele situatie ondermijnt het zelfvertrouwen van de moeder.

Snel starten met kolven heeft veel voordelen:

  • Baby krijgt al vanaf het begin colostrum bij, en valt daardoor veel minder af.
  • Door de inname van colostrum wordt de baby veel sneller energiek.
  • Kolven kost nu nog maar weinig tijd en heeft veel invloed op het versnellen van de melkproductie.
  • Manueel kolven is eenvoudig, kost niets en levert veel meer colostrumopbrengst op dan een elektrische kolf. (Bij ingetrokken tepels kan manueel kolven lastig zijn, en is een kolfapparaat vaak effectiever.)
  • Bijvoeden kan nu nog met een lepeltje, en geeft dan geen zuigverwarring.
  • Doordat de melkproductie beter op gang komt, wordt de baby aan de borst beloond voor zijn inspanning. Hierdoor leert hij sneller effectief te drinken.
  • Moeder en baby zijn veel sneller uit de problemen.
  • Moeders worden versterkt in hun zelfvertrouwen wanneer ze zien dat de melkproductie op gang komt en hun baby voeding binnen krijgt in de eerste dagen.

Gebruik van een tepelhoedje in de eerste dagen:

Als een baby in de eerste dagen drinkt met een tepelhoedje, is er zeker geen sprake van goede melkoverdracht. Ook al zuigt de baby actief en langdurig: hij krijgt er niets of nauwelijks iets mee binnen, en hij is vooral druk aan het zuigen op het platgeknepen hoedje in plaats van op de tepel. Colostrum is stroperig en komt druppelsgewijs: het moet actief uit de borst worden gemasseerd door het mondje. Met een tepelhoedje komt het colostrum niet goed naar buiten. Pas als er veel meer melk is en de melk heeft wat stroomsnelheid gekregen, kan drinken met een hoedje effectief zijn. Bekijk of de baby zonder hoedje kan aanhappen met goede aanlegtechnieken of met biological nurturing. Als de baby enkel met een tepelhoedje aan de borst kan, beschouw dat dan als ineffectieve voedingen, en volg onderstaand beleid.

Borstvoedingsbeleid als baby niet vaak en/of niet effectief drinkt:

  • Start met dit beleid zodra duidelijk wordt dat de baby niet effectief genoeg drinkt, in ieder geval binnen de 12 uur na de geboorte.
  • Vanaf de geboorte baby veel bij en op moeder laten liggen; waar mogelijk gecombineerd met huidcontact.
  • Babybedje staat naast het bed van de moeder zodat ze op ieder signaal kan reageren.
  • Direct aanleggen als de baby signalen geeft, ook al is de vorige voeding nog maar kort geleden.
  • Gebruik ook het instinctief voeden (biological nurturing) naast de verschillende aanleghoudingen en zie wat het beste werkt.
  • Gebruik borstcompressie tijdens het drinken om ervoor te zorgen dat de baby gemakkelijker meer slokjes binnenkrijgt. (zie artikel en video)
  • Als de baby aan de borst niet actief (door)drinkt: niet gaan “kietelen” maar liever baby van de borst halen en afgekolfd colostrum op een lepeltje aan baby geven. Daarna aan de andere borst proberen te laten drinken en ook daarna de baby wat afgekolfde colostrum geven. Als de baby klaar is met de voeding kan moeder beide borsten met de hand nakolven, en het gekolfde colostrum bewaren.
  • Als de baby zelf niet 10 a 12 keer per dag om de borst vraagt, kan de moeder tijdens de periodes dat de baby slaapt beide borsten met de hand kolven. Hoe vaker, hoe beter.
  • Kolf iedere borst ongeveer 5 minuten met de hand. Als er dan nog steeds colostrum komt, kan de moeder wat langer doorgaan.
  • Het colostrum kan worden bewaard door het met een spuitje van het lepeltje af te zuigen. Colostrum mag ruim 8 uur op kamertemperatuur bewaard worden. Nieuw afgekolfd colostrum mag bij het al eerder afgekolfde colostrum in hetzelfde spuitje worden bewaard zolang het bewaren in totaal binnen de 8 uur blijft.
  • Het afgekolfde colostrum kan op kamertemperatuur aan de baby worden gegeven. Moeder kan het spuitje colostrum dus op haar nachtkastje laten liggen en hoeft niet op te staan om het spuitje te verwarmen.
  • Als de baby nog niet (goed) in staat is tot een goede borstvoeding: laat de baby aan beide borsten doen wat hij kan, maar blijf niet kietelen en aandringen en steeds uitkleden en dergelijke. Maak de voedingen niet onnodig lang, maar geef de baby na de poging aan beide borsten het afgekolfde colostrum, en laat hem slapen tot de volgende voeding. Na iedere voeding kolft de moeder na.
  • De moeder hoeft niet tussen de voedingen te kolven volgens een vast tijdschema: veel moeders voelen zich geleefd door het schema waardoor het kolven onnodig belastend wordt. Leg de moeder uit wat de voordelen zijn van het manueel kolven, namelijk dat de baby sneller zal gaan aankomen en sneller energie zal hebben om beter te drinken als hij colostrum aangeboden krijgt op een lepeltje. Vertel dat de melkproductie hiermee sneller op gang komt, waardoor de baby aan de borst ook meer beloning krijgt, en dan sneller goed zal leren drinken. Vertel ook dat op deze manier voorkomen kan worden dat de baby kunstvoeding nodig heeft, en dat de borstvoeding zo het snelste op het goede spoor komt. Moedig de moeder aan om regelmatig met de hand te kolven op passende momenten. Vertel dat ze geen wekker hoeft te zetten om te kolven: slapen is ook belangrijk voor de melkproductie. Maar als ze ‘s nachts toch wakker is, dan is het heel goed als ze van dat moment gebruik maakt om te kolven.

Problemen vanaf 72 uur

Wanneer de borsten goed zijn gestimuleerd in de eerste drie dagen, zal rond de 72 uur na de geboorte een hormoonomslag plaatsvinden, en zal de melkproductie flink stijgen. Wanneer de baby vervolgens minimaal 8 keer per dag de borsten effectief (leeg)drinkt, krijgt de baby voldoende binnen en wordt de productie voldoende gestimuleerd.
Let op: zorgdagen volgen niet de leeftijd van de baby! Een baby die op zondagavond om 22.00 uur is geboren, zit op dinsdagochtend om 10 uur op zorgdag 3, en is dan nog maar 36 uur oud, dus anderhalve dag!

Kolven met de hand is de meest geschikte manier van kolven als de moeder kleine hoeveelheden colostrum maakt. Wanneer de melkproductie stijgt, verandert het colostrum in gewone moedermelk, en komt er een grotere hoeveelheid melk uit de borst. Vanaf dat moment kan de moeder ook elektrisch kolven met een apparaat. Doorgaan met kolven met de hand kan ook: bekijk samen met de moeder wat voor haar werkt en wat praktisch is.
Vanaf de 72 uur oud, kunnen er de volgende problemen aan de hand zijn rond de inname van de baby:

  1. De baby kan wel goed drinken, maar melkproductie is de eerste dagen niet voldoende gestimuleerd en loopt dus achter.
  2. De baby kan niet effectief drinken maar de melkproductie is wel goed gestimuleerd en is goed op gang.
  3. De melkproductie is onvoldoende gestimuleerd en loopt achter, en de baby kan niet effectief drinken.

Een baby heeft per dag voldoende milliliters melk nodig om te kunnen groeien. Naarmate een baby vaker drinkt, mogen de voedingen per keer kleiner zijn. Naarmate een baby minder vaak drinkt, moeten de voedingen groter zijn om ervoor te zorgen dat de baby aan zijn inname komt. Tien voedingen van 35 milliliter is evenveel inname als zeven voedingen van 50 milliliter. Hoeveel voedingen een baby nodig heeft hangt dus af van het aantal milliliter dat hij per keer drinkt.

De borsten hebben voldoende stimulans nodig om voldoende melk aan te maken. De melkproductie hangt van twee soorten stimulans af.

  • Ten eerste telt het aantal keren dat een moeder voedt of kolft, dus de frequentie. Hoe vaker ze voedt of kolft, hoe meer prolactine ze per dag heeft. De prolactine is het hormoon dat de borsten stimuleert tot melk maken.
  • Ten tweede telt het leegmaken van de borst. Hoe leger een borst wordt gemaakt, hoe harder de borstklier gaat werken om meer melk te maken. Dit werkt niet via prolactine, maar volgens het vraag en aanbod systeem.

Zo kun je dus twee dingen doen om de melkproductie te verhogen: de borsten vaker stimuleren en de borsten beter leegmaken.

Wanneer er problemen zijn rond de inname van de baby na de eerste 72 uur, dan moeten we voor twee dingen zorgen: dat de baby voldoende binnen krijgt en dat de melkproductie voldoende wordt gestimuleerd. Zolang we daaraan voldoen, kunnen we vervolgens bedenken hoe de baby beter kan leren drinken aan de borst. Laten we per situatie bekijken hoe we hier mee om kunnen gaan.

1. Melkproductie laag, baby drinkt effectief

De melkproductie moet dus gestimuleerd worden, en de baby kan dat in principe zelf. Het is  belangrijk om beide borsten vaak te stimuleren en goed leeg te laten drinken. Houd daarbij volgende richtlijnen aan:

  • Houd de baby veel bij en op de moeder. Plaats het wiegje van de baby naast de moeder.
  • Neem bij de eerste signalen de baby op en ga meteen voeden, ook al was de vorige voeding nog maar kort geleden.
  • Let erop dat de baby goed aan de borst is (goede houding, mondje goed aangesloten).
  • Leer de moeder hoe ze kan zien of de baby actief slikt, of enkel zuigt zonder te drinken.
  • Leer de moeder borstcompressie te geven om de baby zo lang mogelijk actief te laten slikken en de borst zo leeg mogelijk te laten drinken.
  • Wissel van borst zodra de baby niet meer zo actief slikt. Ook hier weer borstcompressie geven.
  • Wissel weer zodra de baby niet meer actief slikt, maar toch nog wakker is en wil zuigen. Blijf borstcompressie gebruiken en wisselen zolang de baby actief blijft.

In deze situatie zou het heel mooi zijn als de baby in staat is om vaak de beide borsten goed leeg te drinken. Als de baby zelf vaak wakker wordt om te drinken en als de baby in totaal in een hele dag voldoende binnenkrijgt om goed te kunnen groeien, dan is dit de beste weg. Soms is dit alles niet genoeg om de baby tevreden te stellen en goed te laten groeien. Het kan dan nodig zijn om de baby wat kunstvoeding te geven als de borsten echt leeggedronken zijn, en de baby echt nog hongerig is. Dit hoeft niet met iedere voeding het geval te zijn. Als de moeder ’s ochtends meer melk heeft dan ’s avonds, dan hoeft ze misschien alleen ’s avonds bij te voeden met kunstvoeding. Geef zo weinig mogelijk kunstvoeding: net genoeg om de baby tevreden te stellen en te laten groeien. Het is de bedoeling dat de baby niet zoveel kunstvoeding krijgt dat hij lang blijft slapen. Zolang de baby 9 keer per dag of vaker beide borsten goed leeg drinkt, zal de melkproductie toenemen en is kolven niet persé nodig.

Soms lukt de bovenstaande weg niet goed. Zo kan het zijn dat de baby niet tevreden is met vaker kleine voedingen, maar dat die hongerig blijft huilen nadat hij de borsten heeft leeggedronken. Er wordt aan de baby kunstvoeding gegeven tot hij tevreden in slaap valt, en vervolgens slaapt de baby te lang en herhaalt zich de hele procedure weer. Als de baby niet vaak genoeg de borsten leegdrinkt en steeds kunstvoeding bijkrijgt, zal de melkproductie niet stijgen. In dit geval is het belangrijk dat er naast het aanleggen ook nog gekolfd wordt. Wanneer de baby zeven keer per dag beide borsten leegdrinkt en vervolgens kunstvoeding krijgt, zou het goed zijn als de moeder daarnaast ook nog enkele malen per dag haar borsten leegkolft om de melkproductie te stimuleren. Meteen na de voeding kolven heeft geen zin als de borsten goed leeg zijn gedronken. Het is dan beter om op een ander moment te kolven. Zoek samen met de moeder naar passende momenten waarop het kolven het meeste effect oplevert. Kolf dan beide borsten goed leeg. Gebruik bij het elektrisch kolven de techniek van “hands on pumping” in de vorm van borstcompressie rond het borstschild en nakolven met de hand: op die manier worden de borsten optimaal leeg gemaakt. Een informatief filmpje hiervan is te vinden op de volgende link  link  Klik op “proceed” om de clip te openen.

2. Melkproductie goed, baby drinkt niet effectief

In dit geval is de baby niet in staat om de borsten voldoende leeg te drinken, ook al is er voldoende melk in de borsten aanwezig. Dit kan op verschillende manieren te zien zijn. Hier een paar mogelijke scenario’s:

  • De baby gaat heel vaak aan de borst en drinkt dan steeds maar kleine beetjes. Mogelijk heeft de moeder daardoor steeds volle borsten terwijl toch haar kindje ontevreden is. De baby komt niet aan de vettere melk toe, en doordat de moeder steeds veel melk in de borst overhoudt is er een risico op borstontsteking.
  • De baby krijgt door de slechte drinktechniek veel minder slokken binnen en verliest daardoor de interesse. De baby valt steeds in slaap aan de borst, maar wil er niet af. Moeder en baby raken oververmoeid. Mogelijk heeft de moeder ook tepelproblemen.

Wanneer de baby aan de borst onvoldoende drinkt, is het goed om met de kolf de borsten verder leeg te maken. In dit geval ligt de nadruk niet op het verder opvoeren van de melkproductie, maar gaat het meer over het in stand houden van de productie. In dit geval is het aan te raden om na de voeding na te kolven en de baby bij te voeden met afgekolfde melk. Kolf de borsten na de voeding allebei leeg. Bepaal samen met de moeder hoe vaak dit nodig is, al naar gelang de baby drinkt en al naar gelang nodig is voor de productie of ter voorkoming van borstontsteking. Help de baby aan de borst zoveel mogelijk melk te laten drinken door alle tips die al eerder genoemd zijn te gebruiken: goed aanleggen, borstcompressie, wisselen van borst, enz. Als de baby niet meer actief drinkt aan de borst heeft het geen zin om de baby langer te kietelen en uit te kleden en dergelijke. Geef de baby afgekolfde melk en laat moeder nakolven.

3. Melkproductie laag, baby drinkt niet effectief

Deze situatie is de lastigste van de drie. Doordat de baby niet effectief drinkt, is hij niet in staat om de melkproductie goed te stimuleren. Doordat de melkproductie laag is, kost het de baby nog meer moeite om melk uit de borst te krijgen en slaagt hij er nog minder in om zijn drinktechniek te verbeteren. Het ene probleem versterkt het ander. Daarom is het zo belangrijk om in de eerste drie dagen meteen te gaan kolven met de hand om dit alles te voorkomen. Bij een lage melkproductie en een baby die niet effectief drinkt, is kolven hard nodig.

Ook nu geldt weer: help de baby aan de borst zoveel mogelijk te drinken door alle tips die al eerder genoemd zijn te gebruiken: goed aanleggen, borstcompressie, wisselen van borst, enz. Als de baby niet langer actief drinkt aan de borst heeft het geen zin om de baby langer te kietelen en uit te kleden en dergelijke. Geef de baby na de voeding de afgekolfde melk.

Het kolven is nu niet alleen belangrijk om melk voor de baby te verzamelen en om de moeder te beschermen voor borstontsteking. Kolven is nu ook extra hard nodig om de melkproductie te verhogen. De melkproductie stijgt door de borsten leeg te maken en door vaker te stimuleren. Daarom heeft het extra effect om niet meteen na het voeden de borsten leeg te kolven, maar eerst een pauze te houden. Wacht vanaf het moment dat de baby van de borst af komt een half uur en kolf dan beide borsten leeg. Zo pak je niet alleen het effect van het leegmaken, maar daarbij ook het effect van vaker stimuleren: het lichaam ziet de kolfbeurt nu als een nieuwe voeding. Zo werkt het kolven nog extra verhogend voor de productie, en wordt er ook meer melk afgekolfd om aan de baby te kunnen geven. Voor de nacht is het beter om alles tot één sessie te beperken, dus geen pauze maar direct na het voeden nakolven. Het is in dit geval niet verstandig om ’s nachts wel aan te leggen maar niet na te kolven: de baby drinkt immers niet effectief dus de borsten worden onvoldoende leeggemaakt.  Als dat nodig is voor de rust van de moeder, kan er eventueel voor worden gekozen om het aanleggen over te slaan en enkel leeg te kolven en de baby bij te voeden.